Door Peter Gieling - “The horror, the horror”. De laatste woorden van mister Kurtz in het boek Heart of Darkness. En ook die van kolonel Kurtz, in de, op dit boek gebaseerde, film Apocalypse Now.

Woorden die opwellen op het moment dat hij, Kurtz, naar ‘binnen’ kijkt terwijl hij zijn laatste adem uitblaast. En pas dan de duisternis in zijn eigen hart lijkt te zien. 

De opbouw in boek en film is dusdanig dat je er beeld en gevoel bij krijgt. Hoe iemand met verheven idealen uiteindelijk toch helemaal de fout ingaat. Ook de hoofdpersoon (de verteller) die in het boek de rivier de Congo afzakt in de koloniale tijd en in de film de (fictieve) Nung rivier ten tijde van de Vietnamoorlog, ontdekt tijdens de tocht vooral steeds meer over zichzelf.

Het is een wat zware introductie voor een recensie over een boek als Moordstad… Want als je een dergelijke diepgang van de, volgens eigen zeggen, twee bekendste ‘crimewatchers’ van Utrecht verwacht, dan heb je niet goed naar het boek gekeken tijdens de aankoop. 

Het is een boek over Utrechtse moorden door de jaren heen. Net als bij de twee eerdere boeken van de heren (Crimineel Utrecht en Utrecht Hooligans), spat het bloed en de stijl er duidelijk zichtbaar af.

Hoop dat er wel ruim aandacht wordt besteed aan wat het leed (en het weer opnieuw en op deze wijze naar boven halen ervan) met nabestaanden doet, heb ik op basis van de ‘sprekende tekst’ op de buitenzijde van het boek (en op basis van de eerdere boeken) niet echt. Daar zijn andere indrukwekkender boeken over geschreven. Boeken als: In het bos zijn de wilde dieren (De moord op Sybine Jansons) en Anne (Faber), Kroniek van een zoektocht.

Als oud (gepensioneerd) politieman heb ik niet aan ‘crimewatchen’ hoeven doen. Veel van dit soort zaken in het boek staan me nog scherp voor ogen en ook veel van de verhalen er achter. Verhalen die onvoldoende ruimte of plek (kunnen) krijgen in de veelal korte samenvattingen van Moordstad

Als stadsgids loop ik het laatste decennium echter ook een/de misdaadtoer, dus ontkom ik er eigenlijk niet aan om het boek te kopen en te lezen. In twee avonden lees ik de 62 zaken. Het is een eigen selectie van de schrijvers en ze zijn, voor zover mogelijk, gelijkelijk verdeeld over de 10 wijken van Utrecht. De vroegste is uit 1889, de laatste uit 2019.

De recentste zaak uit de wijk Binnenstad is ruim 45 jaar oud (1975) en 5 van de 8 zaken uit deze wijk zijn van voor 1900. Gelukkig zijn er behoorlijk wat recentere zaken in de jongere wijken.

Elk van de 10 hoofdstukken begint met een korte omschrijving van de betreffende wijk (in 6 tot 8 regels). Daarna komen in hoog tempo de maximaal 8 zaken per wijk langs. Het woord gruwelijk komt in de verhalen veelvuldig terug.

Ik lees het boek in ‘twee adems’ uit. Enerzijds omdat het makkelijk wegleest, anderzijds omdat ik merk dat een aantal details van de mij bekende zaken me niet meer scherp voor de geest staan. Of dat ik ze toch niet (meer) ken. En ja, het zijn spannende verhalen, waar je in veel gevallen ook echt van gruwt. En ze zijn kort genoeg en niet te ingewikkeld geschreven, om te blijven lezen.

Wat volgt als ik het boek uit heb, is vooral een gesprek met mezelf. Wat vind ik nu eigenlijk van dit boek? Doe je de slachtoffers en hun families/vrienden/collega’s recht op deze manier? Maar ook familie van daders. Hoe vertel ik als gids zelf mijn verhalen?

Mag je ‘genieten’ van zulk leed van anderen, door een boek te lezen of rondleiding te volgen? Jaag je mensen geen extra angst aan op deze manier? En zo zijn er nog een paar vragen. Ik ben er nog niet helemaal uit…

En laat het vooral aan een ieder zelf over om daarin zijn of haar eigen keuze te maken. 

De informatie over de beschreven zaken is openbaar. En de schrijvers geven ook zelf aan waar zij die, naast in de vele krantenartikelen, hebben gevonden. Door het boek te kopen heb je geen volledig overzicht, maar wie meer wil weten van Utrecht als moordstad bespaart zichzelf wel behoorlijk wat zoekwerk.

Moordstad

Daniel M. Van Doorn & Evert van der Zouw

€ 20,99 in de boekhandel