Door Frank Slijper – En weer staat FC Utrecht na 90 minuten met lege handen en opnieuw zat het niet bepaald mee. Een terugkerend beeld dit seizoen. Wie het medicijn kent om het tij te keren, mag zich melden. Er is enige spoed bij geboden.

Nee, FC Utrecht speelde tegen Sparta heus niet de sterren van de hemel, het had echter meer verdiend dan een 0-1 nederlaag. Het vertrouwen bij de spelers lijkt broos en de vorm is ook wel eens beter geweest, maar aan strijd ontbrak het deze zondag geenszins.

Een beetje meer fortuin kunnen we dit seizoen wel gebruiken. Het gebrek daaraan was ook tegen de Rotterdammers onmiskenbaar. Voldoende kansen, maar steeds vond FC Utrecht een excellerende Sparta-doelman Joël Drommel op zijn weg. Vrij naar Evert ten Napel: goeie genade, daar is die dekselse Drommel weer. 

Bal net niet over de lijn, bal op de lat, schijnbare doelpunten die Drommel keer op keer wist te voorkomen en tenslotte een strafschop die (terecht) alsnog niet werd gegeven. “Ach, zal toch wel gemist worden”, sprak mijn achterbuurman schouderophalend toen de scheids in eerste instantie naar de stip wees. De teneur dat het vandaag hoe dan ook niet meer ging lukken, heerste aan het einde van de wedstrijd zelfs in Vak P. 

Het zou opvallend genoeg de eerste strafschop voor FC Utrecht dit seizoen zijn geweest. Zover kwam het niet. Geen cadeautje, een juiste ingreep van de VAR. Maar waar was de VAR tegen Genk en tegen Sevilla, toen we zo benadeeld werden? 

Het leek erop dat Dani de Wit de pingel zou gaan nemen. Veel andere opties waren er niet. Geen Haller en geen David Min (beiden geblesseerd) die als aanvalsleiders vanaf de stip kunnen scoren. Omdat Noah Ohio - de derde spits in rangorde - inmiddels aan Valladolid is verhuurd, opteerde Ron Jans ditmaal vanaf de start voor Miguel Rodríguez centraal voorin.

Een mislukt experiment, wat Vak P betreft. De buitenspeler die nadrukkelijk met zijn vorm worstelt, kon in het vijandelijke strafschopgebied geen potten breken. Met als dieptepunt zijn vrije schietkans vlak voor tijd toen hij de bal hoog in de tribunes joeg.  

“Nog zeven punten verwijderd van de nacompetitie”, sprak een bijgoochem na afloop aan het barretje in Galgenwaard-West. Hij bedoelde de nacompetitie tegen degradatie. Het gat naar plek 8 op de ranglijst om nacompetitie voor Europees voetbal te halen, is inmiddels ook zeven punten. We zakken af. Het verschil met de bovenste plaatsen wordt groter, dat met de onderste kleiner. 

Maar zoals altijd overheerst het positivisme in Vak P. We kijken liever omhoog. Nog vijftien wedstrijden te gaan, nog 45 punten te verdienen. Er kan nog veel gebeuren. Het zou wel fijn zijn als het herstel niet al te lang meer op zich laat wachten.

Komende donderdag is de ontmoeting met Celtic in Glasgow vooral voor de meegereisde supporters een leuk afsluitend feestje van de Europese tournee. Om des keizers baard, zou Evert zeggen. Het echte werk volgt daarna als de punten in Heerenveen en thuis tegen Feyenoord gehaald moeten worden.

  

Frank Slijper