Ir. Henk Dam wordt 100 jaar in 2021, hij werkte als stadsarchitect tussen 1950 en 1982 voor de dienst Openbare Werken van de gemeente Utrecht. In de serie Memoires van een stadsarchitect hierbij zijn herinneringen aan die periode.

4 - HET VIJF KERKEN RESTAURATIEPLAN

Het vijf kerken restauratieplan omvat de restauratie van vijf middeleeuwse binnenstadskerken in Utrecht, te weten de Domkerk, de Buurkerk, de Janskerk, de Jacobikerk en de Nicolaikerk.

Het volgende verhaal gaat over het allerprilste begin van dit plan. De aanleiding vormde het trage verloop van de restauratie van de Pieterskerk. De restauratie van deze romaanse kerk stond onder leiding van de architect Briët.

De gemeente Utrecht was bij de restauratie betrokken in verband met de gemeentelijke subsidie ter grootte van 30% van de bouwkosten. De afspraak met architect Bardet, die namens de Rijksdienst Monumentenzorg het toezicht voerde, hield in dat voor de kerken hij degene was die het dagelijks contact met het project zou houden en dat hij ons daarover steeds verslag zou uitbrengen.

Deze afspraak werkte goed en was voor de betrokken restauratiearchitect duidelijk en overzichtelijk. Voor de restauratie van de Pieterskerk werd jaarlijks een vast bedrag door het Rijk beschikbaar gesteld. Er werd ieder jaar enige tijd aan gewerkt tot het geld op was. Het ging met een slakkengang en het was onduidelijk wanneer het gereed zou zijn.

Restauratiewerkzaamheden in de Pieterskerk in 1965. foto: L.H. Hofland (HUA)

Hierdoor geprikkeld is door ons op een goede dag een bezoek aan het werk gebracht. Het was een desolate toestand. De steigerplanken aan de zijde van het Pieterskerkhof waren deels spekglad van de groene alg en waren hier en daar zelfs aan het rotten. De conclusie was helder, dit is niet de manier om een grote kerkrestauratie aan te pakken. Hoeveel jaren zouden er niet gemoeid zijn bij alle nog te verwachten restauratieprojecten van de overige kerken.

Met deze gedachten in het hoofd werd een bezoek gebracht aan het hoofd van de restauratieafdeling van de Rijksdienst Monumentenzorg, Ir Ruud Meischke, tevens nog oud-studiegenoot aan de Technische Universiteit in Delft. Het gesprek verliep heel goed. Onze zorgen over de te verwachten restauraties aan de Utrechtse kerken werden geheel door Ruud gedeeld. Tijdens het gesprek is door ons een aantal concrete voorstellen gedaan. In de eerste plaats om voor de Pieterskerk een zodanig jaarlijks budget vast te stellen dat er regelmatig kon worden doorgewerkt.

Maar belangrijker waren de overige kerken waar nog nooit een vinger naar was uitgestoken. Ons voorstel was om de vijf kerken als één restauratieobject te beschouwen. Hiervoor zou één architect moeten worden aangesteld, waarvoor we Ir v. Hoogevest op het oog hadden. Voorts zou bij voorkeur met één aannemer moeten worden gewerkt om de nodige continuïteit te verkrijgen. Daarbij zouden afspraken moeten worden gemaakt over het hanteren van een sluitend stelsel van eenheidsprijzen.

Er was nog een moeilijk punt van personele aard, te weten de positie van de Utrechtse particuliere restauratiearchitect Haakma Wagenaar. Hij was namelijk een uitnemend kenner van de gotiek. Onze ervaring met de zakelijke kant van zijn bureau was zeer slecht. Een opdracht zoals wij voor ogen hadden, zou hij onmogelijk kunnen vervullen. Mede om gebruik te kunnen maken van zijn kennis en om hem niet buiten een “gotiek” gebeurtenis van zo groot formaat als deze te houden, leek het een goede oplossing hem als bouwhistorisch adviseur aan het project te verbinden, in de verwachting dat van Hoogevest dat wel zou accepteren. Niet onbelangrijk was dat hij een prettig mens was en ook binnen de stadsgemeenschap een goede naam had.

Ruud Meischke heeft het allemaal met belangstelling aangehoord, waarbij niet viel te bespeuren of hij aan het plan op de één of andere wijze zou meewerken, laat staan om te bespreken hoe dit varkentje zou moeten worden gewassen.

Geruime tijd was geen enkele beweging te bespeuren, tot er op een dag in het Utrechts Nieuwsblad gemeld werd dat de Hervormde Kerkvoogdij verregaande plannen had om in één klap de vijf Hervormde kerken aan te pakken. En jawel, daar kwam het idee in volle glorie te voorschijn. Alle voorstellen die destijds aan Ruud Meischke waren gedaan, zijn ongewijzigd uitgevoerd. In de verste verte had ik niet kunnen hopen dat het idee ooit werkelijkheid zou worden.

Er is een hele organisatie opgetuigd met vertegenwoordigers van diverse instanties. Voor de gemeente werd de wethouder van monumentenzorg naar de besprekingen afgevaardigd. Tot mijn genoegen heeft hij me steeds meegenomen naar de besprekingen en na verloop van tijd liet hij het geheel aan mij over.

De restauratie heeft in totaal ongeveer 20 jaren geduurd. In 1986 kwam als laatste de Domkerk gereed.

Waar de kiem van iets gelegd wordt, blijft vaak verborgen.

Werkzaamheden aan de Domkerk in 1981. Foto: HUA