(Laatste update: 9 mei 2019)

Jim Terlingen - De meidagen komen er weer aan en dat betekent dat er in de media weer veel aandacht is voor de Tweede Wereldoorlog. Die begon in Nederland op 10 mei 1940 en eindigde op 5 mei 1945.

Mijn aandacht voor de oorlogsverhalen van onze stad wakkerde eigenlijk pas zeven jaar geleden aan. De aanleiding was dat ik meer wilde weten over de straat waar ik opgroeide, de Vismarkt in de binnenstad. In ons huis bleek een NSB’er gezeten te hebben en twee joodse bewoners in andere panden bleken te zijn vermoord in concentratiekampen.

Wat ik al-informatie-zoekend ontdekte, was dat er in Utrecht daaromtrent nog veel niet onderzocht is en over veel nog niet geschreven. Dat heeft me enorm verbaasd. Om maar niet te spreken over mijn verbijstering, even later, over dat in eerste instantie reacties helemaal uitbleven toen ik naar buiten bracht dat er nogal veel fouten staan op het in 2015 geplaatste namenmonument voor joodse slachtoffers bij het Spoorwegmuseum.

De relatie Utrecht en Tweede Wereldoorlog is een rare. Utrecht is een stad waarin verzetsheldin Truus van Lier van officiële zijde geen standbeeld krijgt, maar wel een bloemenaubade van betrokken bewoners.

Die betrokkenheid onder de inwoners neemt toe, denk ik waar te nemen. Een indicatie daarvoor is dat er meer en meer interessante non-fictie-boeken verschijnen over de Tweede Wereldoorlog in onze stad.

Ik heb, voor wie nieuwsgierig is, eens op een rij gezet wat sinds de eeuwwisseling het licht zag.

          
1. Peter Hein: De Onderduikers (2014, 304 blz) en Het Zesde Jaar (2014, 192 blz).

De Onderduikers is het aangrijpende verhaal van de onderduik van de joodse ouders van Peter en Het Zesde Jaar gaat over zijn eigen onderduik, beiden grotendeels in Utrecht. Peters woorden kruipen onder je huid en doen je in de meidagen echt anders kijken naar de stad.
       

2. Ad van Liempt: Aan de Maliebaan (2015, 240 blz) en 40-45, Utrecht (fotoboek, 2015, 112 blz).

Van Liempt, de opvolger van Loe de Jong als geschiedenisleraar van de Nederlandse televisie, kreeg onlangs felle kritiek van journalist Frits Barend: ‘Hij pronkt met andermans veren’. Historicus Geert Mak nam het meteen voor hem op: ‘Zijn levenswerk staat als een huis'. En zo zie ik het ook. Deze twee Utrechtse boeken zijn een 'must'. Zie ook: De Maliebaan 1940 - 1945: Een spannende straat.

              
3. Jan Willem Regenhardt: In de schaduw van de Dom (2002, 247 blz).

Een mooi dubbelportret van het wel en wee van de joodse familie Snatager, die woonde op de Oudegracht, èn van de vele autoriteiten die in onze stad tijdens de Tweede Wereldoorlog functioneerden: de burgemeester, de politie en het gemeentelijke apparaat. 


4. Frits Broeyer: Het Utrechtse universitaire verzet, 1940-1945. `Heb je Kafka gelezen?` (2014, 488 blz)

Broeyer, voormalig hoofddocent kerkgeschiedenis aan de UU, beschrijft alle aspecten van het verzetswerk dat Utrechtse studenten en stafleden van de Utrechtse universiteit verricht hebben gedurende de bezetting.

             
5. Jan Durk Tuinier en Geu Visser: Fort De Bilt, NSB-vrouwenkamp 1945-1946 (2004, 32 blz).

Direct na WO2 werd het fort bij de Berenkuil ingericht als gevangenis voor NSB’ers. In de eerste maanden na de bevrijding zaten er voornamelijk mannen, daarna alleen vrouwen. Dit aardige boekje gemaakt door Stichting Vredeseducatie is gebaseerd op gesprekken met oud-commandante M.L. Hijink-Rijnders.

6. Daniel Johannes Huygens: In het hol van de Leeuw (2009, 208 blz).

 

Het verhaal van de Utrechtse kappersfamilie Huygens, die Joodse onderduikers herbergde in hun huis in het centrum van Utrecht. Daniel en Lydia Huygens ontvingen in 1989 een Yad Vashem-oorkonde voor hun verzetswerk.

7. Joop Meijer en Conny Leijten: Ik mis ze! Het onderduikverhaal van een Joods jochie (2016, 62 blz)

 

Het Amsterdamse jongetje Jopie Meijer ging langs allerlei onderduikadressen. Zijn beste tijd had hij in Utrecht waar hij niet verstopt was, maar op straat speelde. Joop vertelt over verzetsgroep Plompetoren, de Duitsers die gelegerd waren bij fort Blauwkapel en op de Asch van Wijckskade en de bevrijding van Utrecht.

8. Rien Dijkstra: Het Telegram (2018, 309 blz).

In augustus 1941 stuurde SS-Untersturmführer Matzker een telegram waarin werd gezegd dat 26 Utrechters gearresteerd moesten worden, hetgeen ook gebeurde. De levensgeschiedenissen van deze zesentwintig stadsgenoten zijn met veel oog voor detail uitgeplozen. Dijkstra overleed kort na het uitkomen van dit boek.

              
Nog meer lezen? Gerenommeerde naslagwerken over de Tweede Wereldoorlog in relatie tot Utrecht zijn verder: Utrecht in Verzet van Tineke Spaans-Van der Bijl (herziene druk, 2005), Jodenvervolging in de stad Utrecht van Cor van Dam (1985) en Een gewone stad in een bijzondere tijd, Utrecht 1940-1945 van Jan van Miert e.a. (1995). Er zijn ook nog de boeken van het Museum van Zuilen.     


Binnengekomen reactie van Bert van den Hoed (oud-AD Utrechts Nieuwsblad):

"Aan de Maliebaan had een bescheiden voorganger met het even prachtige boekje 'Oorlogsjaren in een buurt van stand' van Jos van Beurden. Aan de Willem Barentszstraat en de Buys Ballotstraat e.o. speelden zich vergelijkbare taferelen af als op de Maliebaan. Verzetsstrijders, NSB-politici, onderduikers woonden naast elkaar. Het boekje is uit 1997. Van harte aanbevolen. Dat geldt ook voor Anton van de Utrechtse publicist Bert Bukman. Een weliswaar omstreden en niet positief ontvangen biografie (faction) over Anton Mussert. Maar toch. Het speelt zich voor een belangrijk deel af in Utrecht. Met interesse gelezen. In 2013 verschenen
."

 


Binnengekomen reactie van Heleen Bal:  "Onder de Klok van Bert Jan Flim"

                        
Binnengekomen reactie van Angela Poll:

"In het net verschenen boek 'Moffenmeiden' van de Utrechtse journalist en historicus Rianne Oosterom wordt ook veel over Utrecht ten tijde van het einde van de Tweede Wereldoorlog beschreven."

                 

Ook reageren? terlingenschrijft@kpnmail.nl
Zie ook: www.jimterlingen.nl