Door Frank Slijper - Het leek er werkelijk even op dat de weg omhoog was ingezet. Na drie winstpartijen in vier wedstrijden was het linkerrijtje binnen handbereik met een ogenschijnlijk makkelijk programma voor de boeg. Niets bleek minder waar. Vorige week redde FC Utrecht in eigen huis tegen PEC Zwolle een schamel puntje in de extra tijd, vandaag was het spel tegen Telstar slechter dan slecht. Een beschamende 4-2 nederlaag tegen deze laagvlieger.

Wie de remedie heeft, mag zich melden. Is het ‘slechts’ een gebrek aan kwaliteit, dan zijn we snel klaar en moeten we ons neerleggen bij een minder seizoen, ergens plek 9 tot 13. In Vak P geloven we daar niet zo in. Er moet meer aan de hand zijn. De communicatie in het veld misschien? Noodgedwongen in het Engels gezien de vele nationaliteiten. Niet bevorderlijk.

En over het systeem is al zoveel over gesproken en geschreven, dat is een keer klaar. Het kan niet zo zijn dat een team na vijf maanden trainen nog steeds niet vertrouwd is met de speelwijze. Is deze trainer misschien niet de juiste voor FC Utrecht? Het lijkt te vroeg om die conclusie te trekken.

De instelling. Ja, die was tegen Telstar ondermaats. We zaten met gekromde tenen in de huiskamers naar een onherkenbaar FC Utrecht te kijken. Vechtlust staat traditioneel hoog in het vaandel van onze club. De nieuw aangestelde trainer Correia verkondigde bovendien een energieke teamspirit als handelsmerk. Daar was deze middag weinig van te merken. Telstar toonde duelkracht en power, had de echte wil om te winnen. FC Utrecht niet.

En dan de bekende statements na afloop: we moeten hier een reactie op geven, hand in eigen boezem steken, eens goed in de spiegel kijken, elkaar de waarheid durven zeggen. Blablabla, gaap. Intussen laat onze FC dure punten liggen tegen de kleinere clubs.

Komende zondagavond komt NEC op visite in Utrecht. Telstar had tien wedstrijden op rij niet gewonnen. NEC inmiddels acht maal in successie. We houden ons hart vast, wetende dat FC Utrecht graag ‘sociale dienst voetbal’ speelt tegen de clubs die wel een overwinning kunnen gebruiken. (Zo formuleerde Willem van Hanegem het ooit in zijn periode als FC Utrecht-trainer.)

FC Utrecht speelde tegen Telstar overigens zonder de steun van meegereisde aanhang. Het bestuur had de supporters verboden naar Velzen-Zuid af te reizen omdat een deel van hen zich na de bekerwedstrijd tegen Kozakken Boys had misdragen. Een goed besluit. In deze rubriek is eerder gepleit voor een landelijk verbod op uitsupporters. Het kost veel mankracht, geld en energie, maar levert ieder seizoen steevast gezeik op.

Er is bovendien een nieuw machtsspel ontstaan: het stilleggen van de wedstrijd als de tussenstand niet bevalt. Dit weekend waren het gefrustreerde Go Ahead-supporters die bij herhaling vuurwerk het veld opgooiden teneinde de wedstrijd te beëindigen.

Als ik Galgenwaard binnenkom, moet ik mijn petje afdoen om aan te tonen dat er geen vuurwerk op mijn kale schedel ligt. Moet bij controle van de harde kern (indien er bij die gastjes al serieus sprake is van een controle) het zwarte capuchonnetje ook omlaag? Ik geloof er niks van. En anders verstoppen ze het vuurwerk wel bij hun pielemuis, daar is nog ruimte genoeg. Sneu volk.

Het is inmiddels november, er zijn elf wedstijden gespeeld en FC Utrecht won er slechts drie. Van groei in het spel is nog steeds geen sprake. Het vertrouwen is gedaald en zelfs in Vak P is enig optimisme ver te zoeken. Maar toch…, aanstaande zondag zitten we er weer. We juichen de spelers toe als ze het veld betreden en beginnen weer met 0-0. Nieuwe ronde, nieuwe kansen.   

Frank Slijper