Vak P - FC Utrecht heeft moeite met stug NAC
Gepubliceerd: zondag 3 mei 2026 02:29
Door Frank Slijper - Na de beschamende nederlaag tegen Excelsior - vorige week kreeg FC Utrecht in Rotterdam met 5-0 slaags - was de ploeg van Ron Jans gebrand om een passend antwoord te geven. Het bezoekende NAC zou aan de dadendrang van FC Utrecht moeten geloven. Dat ging tamelijk moeizaam. De degradatiekandidaat beet fel van zich af en capituleerde pas in de slotfase.
Omdat het wel zeker is dat FC Utrecht op plek 6, 7, 8 of 9 gaat eindigen, speelt het de play-offs voor Europees voetbal. De teams die op plaats 6 en 7 eindigen, spelen in de halve finale een thuiswedstrijd. Een belangrijk voordeel. Alle reden voor FC Utrecht om de laatste drie wedstrijden nog vol gas te geven.
Dat geldt evenzeer voor de Brabantse opponent. NAC is inmiddels in acuut degradatiegevaar beland. Het liet zich daarom geenszins gewillig naar de slachtbank leiden en vocht in Galgenwaard voor wat het waard was. Het fysieke spel van de Bredanaars leidde na een half uur tot een directe rode kaart. Soufian El Karouani was het slachtoffer.
Waarom de linksback overigens zo schimmig doet over zijn toekomstige club is in Vak P niet duidelijk. Hij geeft toe dat er al een contract is getekend. Het Turkse Besiktas, Olympique Marseille en een club uit Saudi-Arabië (ik zal u de naam besparen) zouden de voornaamste kandidaten zijn, aldus meerdere bronnen. Volgens buurman Robin kan El Karouani drie miljoen euries per jaar gaan verdienen. “Daar komt mogelijk nog een spaarloonregeling bovenop.” Goed uitonderhandeld.
Afijn, NAC dus al in de eerste helft met een mannetje minder. In numeriek ondertal kwam het Bredase accent nog nadrukkelijker op de verdediging te liggen en dat viel te begrijpen. Als je niet kunt winnen, moet je zorgen dat je niet verliest, predikte De Verlosser uit Betondorp ooit. Het kwam het spelbeeld niet ten goede. En FC Utrecht leek voor rust niet over wapens te beschikken waarmee het de NAC-stellingen kon slechten.
Misschien dat het pauzenummer meer vertier bood, er was immers een Utregse Middag aangekondigd met welgeteld twintig artiesten in en rond het stadion. Het meeste vermaak halverwege kwam echter van de performer coaches. Ze mochten kort voor de aftrap van de tweede helft weer pionnen aan de rand van het veld plaatsen. Daartussen moeten de spelers dan sprintoefeningen doen onderweg naar hun positie in het veld. Een circusact die we telkens weer hoofdschuddend aanschouwen. Wanneer houdt die komedie eens op?
FC Utrecht wisselde een verdediger voor een extra aanvaller en voetbalde de tweede helft frisser. Het wachten was op het ene moment, dat het eindelijk lukte. Dat moment kwam pas in de 87-ste minuut toen Dani de Wit op het randje van buitenspel raak kopte. De hectische slotfase (met kopkansen op de gelijkmaker en de bevrijdende 2-0 van Adrian Blake) heb ik moeten missen.
Zelden verlaat ik Galgenwaard voor het laatste fluitsignaal, maar nood breekt wetten. Als chauffeur van dienst van achterbuurman Hans, gelouterd Utrechts voetbaljournalist in ruste, kreeg ik de opdracht om de dienstauto al eerder te starten. Zijn partner was de huissleutel vergeten en had inmiddels al het onkruid wel uit de tuin gewied.
Zo luisterden we de slotminuten in de auto en begrepen we ergens bij Bunnik dat de overwinning een feit was. We vielen elkaar nog net niet huilend in de armen.

