In de nazomer van 1975 begon Jeroen Wielaert in Utrecht aan de studie Nederlands. Het was het begin van een halve eeuw wonen en leven in de stad. Er is in vijf decennia veel gebeurd, persoonlijk en stedelijk, vol ups en downs. Een terugblik in tien delen, wekelijks op Nieuws030.
   

Deel 3: 1985-1989

In café Binnen Best was Dick Kamphuis een van de vaste jongens om nieuwe vriendschap mee te sluiten. Een goedlachse vent uit Almelo, werkzaam bij het Diakonessenhuis. Hij hield van bier, Bowie, Suske en Wiske, snedige schunnigheden en nog zo wat lol. De Veenendaalse reporter Rien Klijn van het Utrechts Nieuwsblad kwam steevast ouwehoeren op vrijdagmiddag. Het was leuk om met Yvonne uit de kroeg naar huis te gaan. Barbaas Lambert Hoedemakers had het nog zo gezegd: 'Niet aan elkaars lichaam!'

Bar Binnen Best aan de Biltstraat in 1987. Foto: Het Utrechts Archief

Seks, liefde en relaties is het onderwerp van een nieuw Veronica-radioprogramma in de loop van 1985 op Hilversum 2 (het verhuisde enkele maanden later naar het nieuwe Radio 5). Het kwam in de plaats van CRM, dat volgens Lex Harding te laag scoorde. Met René Mioch, Simone Wiegel en Alfred Lagarde treed ik toe tot Radio Romantica.

Belangrijk onderdeel zijn de inbellers. Dat moet in het begin even op gang geholpen worden door vrienden en bekenden. Dick wil wel mee naar Hilversum. Hij belt met een andere naam vanuit een redactiekamer, twee deuren van studio RK 7 vandaan. Simone Wiegel doet het gesprek met hem. Hij overtuigt als een katholieke jongen uit Oldenzaal met wie het niet lukt met protestantse meisjes in de omgeving.

Simone zegt bij de nazit in een Hilversums café: 'Wat zielig, die jongen uit Oldenzaal...'

'Dat was ik!' zegt Dick die met me meegegaan is. Simone kraait het uit van plezier.

In Binnen Best komen portretten van de vaste jongens en meiden te hangen, getekend door de jonge kunstenares Jelleke Meijer. Een van hen is een leuke vrouw die goed past bij het thema van Radio Romantica. Ze is goedlachs, aantrekkelijk en gezellig, Hannah. Een kennis van haar weet een etage voor me aan de Kloosterlaan. Het is aan de rand van Ondiep, niet ver van het Zandpad, waar dames in boten hun vormen etaleren. Een Utrechtse zone vol rood licht, beter bekend als het Zandpad.

In de praktijk ben ik zelden op mijn eigen etage en meer bij mijn nieuwe vriendin. We komen nu vaker bij Café Vooghel op de Burgemeester Reigerstraat, niet ver lopen van de Wolter Heukelslaan. Centraal is een open haard geplaatst, bedoeld om vlees te grillen en dat te nuttigen aan de brede bar. Leuk idee van eigenaar Gerard Vogelzang, maar in de praktijk komt het er niet van. De sfeer is er wel iets anders dan toen het nog Café de Reiger was, met nogal agressieve klandizie uit Oudwijk. Het publiek is veranderd, er komen meer studenten. De muziek is goed – hedendaagse rock. We komen ook nog graag in Binnen Best. De tijd breekt aan van regelmatige bezoeken aan Chinees Indisch Restaurant Nieuw China, sinds 1976 gevestigd op de Biltstraat.

Cafe Vooghel met eigenaar Gerard Vogelzang aan de tap in 1990. Foto: O. Flos

In Hilversum keer ik terug bij Nieuwsradio en ga ook werken voor Sportradio en mediaprogramma de Grote Verwarring. Het is nu een volledige werkweek geworden. Na de Ronde van Friesland kom ik een ingetogen collega tegen van de Leeuwarder Courant: Bert Wagendorp.

Vroeg in de zomer van '86 oppert collega Jaap Stalenburg dat ik maar eens een reportage moet gaan maken over Radio Tour de France. Goed idee! Ik rijd ervoor naar Normandië, om daar voor een weekend in te stappen bij de équipe van het roemruchte radioprogramma. Er gaat me een licht op, als ik verslaggever Henny Rückert bezig zie met een samenvatting van de door Johan van der Velde gewonnen etappe naar Villers-sur-Mer. Dat kan ik ook.

In diezelfde tijd vertelt mijn vriendin dat ze zwanger is. Reden om uit te kijken naar een andere woning. Een advertentie is het begin van de verhuizing. Het wordt een leuk huis op de Albert van Dalsumlaan in Rijnsweerd. Ik ben wel eens door de wijk heen gefietst op weg naar de Uithof, heb de buitenissige architectuur bewonderd van de kapitale behuizingen voor chirurgen, hoogleraren en bestuurders – alles wat Utrecht binnen de stadsgrenzen wilde lokken en behouden.

De tuin van het huis aan de Albert van Dalsumlaan. Foto: JW

We trouwen in het oude Utrechtse stadhuis op een zonnige herfstdag. Het feest wordt druk en gezellig in Grieks Restaurant Europa aan de Gildstraat dat we al langer frequenteren met Binnen-Best-genoten Pim en Kees.

Merel Iris komt op 5 februari 1987, 's middags in het Diakonessenhuis. 's Avonds ben ik de blije vader die het vertelt in Restaurant Europa. Merel is spoedig thuis, een leuk meissie met een wieg op de Albert van Dalsumlaan.

De werkzaamheden breiden zich verder uit naast de radio. Op 6 maart 1987 ga ik voor het eerst op pad voor maandblad Sport International, voor een reportage over de nieuwe wielerploeg TVM. Het is bij een criterium in het Vlaamse Blankenberge. 's Avond zit ik daar aan tafel met ploegleider Bos en kopman Jos Lammertink. Het Belgische Journaal staat aan. Er wordt een ongeluk op zee gemeld bij Zeebrugge. Er zouden enkele slachtoffers zijn. Als ik tegen elven weg rijd zie ik een enorme consternatie met politiewagens en ambulances. Ik denk niet aan een uitzending, want die hebben we niet, die vrijdagavond. Ik wil ook terug naar huis, Merel is net een maand oud. Binnen twee dagen keer ik terug in Blankenberge, ditmaal met collega Stalenburg, voor de nasleep van de ramp met de Herald of Free Enterprise.

De Tour nadert. Ik heb mijn zinnen gezet op reportages uit Frankrijk voor Veronica Sportradio, zij het niet voor de hele ronde. Ik kan een dag of vijf mee met collega Bennie Ceulen van het Limburgs Dagblad. Hij is al vanaf de start in Berlijn in de ronde, ik kom later. Op de vroege zondagmorgen van 12 juli 1987 neem ik op Utrecht Centraal de trein naar Parijs Gare du Nord, overstapstation voor het vervolg van de reis naar het zuiden. Laat in de middag stap ik uit in Bayonne, daags erna de start van de eerste Pyreneeënrit naar Pau. Het is de begintijd van de fameuze periode Breukink, Rooks en Theunisse. Nimmer viel een neus beter in de boter.

Het wonen in Rijnsweerd voelt goed, als uitvloeisel van het besluit uit de moelijke jaren ervoor om in Utrecht te blijven. Het is mijn stad geworden. Ik ben geen student-nieuwkomer meer, maar een blijvende burger, zomaar een Young Utrecht's Professional. Voor mijn werk is het vooral een goede centrale basis in het midden van het land.

Als inwoner heb ik mijn lievelingsplekken, zoals het uitzicht over de Oudegracht vanaf de Gaardbrug, met de Domtoren hoog achter het Wed, zo ook het wijdse panorama vanaf de Maartensbrug, met de hoge middeleeuwse huizen boven de Oudegracht. Ik kom graag in de Twijnstraat en omgeving, met het Ledig Erf en het Centraal Museum. Het heeft te maken met de stadsgeschiedenis die van alles afstraalt, een sfeer van eeuwen. Zo is het ook met de Nieuwegracht en het Paushuis. Het Wilhelminapark vind ik mooi en aangenaam.

De Twijnstraat in 1987. Foto: Het Utrechts Archief

Rijnsweerd voelt aan als een wijk buiten het heuse Utrecht van de Dom en de grachten. Alsof er voorbij het viaduct bij het Rietveld Schröderhuis een soort metamorfose heeft plaatsgevonden. Er is sprake van een Goudkust. Ik zal gaan vertellen dat wij 'aan de arme kant' zijn gaan wonen.

Merel is de enige van ons drie die in Utrecht is geboren. Haar crèche is op de Uithof, een klein stukje rijden maar en dan door naar het werk. Pieteke met het piekhaar is een van de gezellige, leuke leidsters.

In 1988 ga ik voor het eerst een hele Tour volgen voor Veronica Sport, met Peter Schuiten, een collega uit Rotterdam. Weer een forse stap verder.

9 november 1989. We zitten voor de televisie en zien het ongelooflijke gebeuren: de val van de Berlijnse Muur wordt een feit. Ik bel zo snel mogelijk naar de chef in Hilversum, in dit geval Dirk van Egmond. Hij vraagt op vrijdagmorgen 10 november een uur de tijd. Daarna komt de toestemming om te gaan. Collega Harmen Boerboom komt ons ophalen met zijn Volvo. Mijn vrouw gaat mee om de historische gebeurtenissen mee te maken. We zijn al eerder in Berlijn geweest. Op Merel (2) wordt een weekend lang goed gepast. Bij onze terugkeer is Utrecht ogenschijnlijk niet erg veranderd, maar samen met de wereld toch zeker wel.

Ook onder de Dom heerst grote opluchting, met het blije gevoel van een nieuwe tijd. Het definitieve einde van oorlog op het Europese continent.

     

Alle afleveringen van '50 jaar Utrecht':