Wielaert - Het teken van de minutennaald
Gepubliceerd: vrijdag 9 januari 2026 15:05
Jeroen Wielaert - De minutenwijzer heeft zich deze week niet in het wegdek geboord en er is ook niemand door geraakt. Hij is halverwege de middag op de balustrade onder het uurwerk van de Domtoren gestort. Dat voorkwam koppen als 'Gespiest door Domwijzer', of 'Uit de tijd door tijdsnaald.' Het bleef nu beperkt tot de afdeling curieus nieuws.
Historisch was het toch wel, zonder ernstig persoonlijk leed. Ik ben het nagegaan, zag het een en ander over eeuwenoude klokkentorens en dat ze aan slijtage onderhevig zijn, maar vond niets over gevallen wijzers, behalve dit recente geval. Ik las: 'Hoewel torenklokken al eeuwenlang bestaan, zijn het vallen van wijzers, zeker grote uurwijzers, relatief zeldzame gebeurtenissen, maar wel bekend in de geschiedenis van klokkentorens.'
Het is duidelijk: de toenmalige installateurs van de klokken en de wijzers waren experts, met accurate kennis van wijzerbehoud in weer en wind. Deze week gingen tamelijk heftige winterse sneeuwbuien aan het vallen van de wijzer vooraf, maar of er oorzakelijk verband is, wordt onderzocht door de firma Royal Eijsbouts. Het lijkt mij twijfelachtig.
Ik heb thuis eens nader gekeken naar de wijzers van onze antieke Comtoise klok. Daar is op te zien dat de minutenwijzer voor de urenwijzer om de as draait. Zo moet het ook zijn met de veel zwaardere en grotere wijzers in het uurwerk van de Domtoren. Goed voor de vaststelling: knap dat zoiets is bedacht en dat het eeuwenlang goed gaat. Natuurlijk is er al die tijd inspectie geweest, heeft er onderhoud plaats gevonden. Dat is wat de tijd eist.
Wegdraaiende tijd, dat is de kern, al eeuwen lang, zonder dat stervelingen het dagelijks permanent aanschouwden. Het was een vast gegeven, daar boven in die toren. Ook op de Dom verging de tijd, maar draaide hij ook verder, met een grote wijzer die er zestig minuten over doet om rond te komen en een kleine voor wie het een uur vergt. Niemand die er voortdurend bij is, maar voor elke stedeling is het een vertrouwd gegeven, een zekerheid van draaiende wijzers, die op een gewenst moment van rust, dan wel spoed aangeven hoe laat het is.
Totdat zo'n wijzer loslaat en naar beneden dondert. Dan staat de tijd even stil.
Het is een omen, dacht ik, een teken van de tijd. In de hele tijdslijn van de Domtoren is het nog maar heel kort geleden, dat het hoge bouwwerk geheel gerenoveerd werd ingezegend, met klokkenwerk en al. Dat ging gepaard met de verse herinnering aan het conflict tussen de gemeente en de stedelijke torenbeheerder Jaap van Engelenburg. Hij stond pal voor de veiligheid, maar werd als te eigenwijs beschouwd door de architect en de andere bazen. Uiteindelijk werd hij door de rechter in het gelijk gesteld. Het was alsof de minutenwijzer hem alsnog steunde, door in volle loslating alsnog een signaal te geven over de staat van onderhoud.
Inmiddels staat de Domtoren al maanden in nieuwe, moderne belichting, als ster van een eenentwintigste eeuwse lichtshow. Daarin draaien de wijzers hun oude middeleeuwse ronden, als sein dat de tijden veranderen in snelheid en in sfeer, maar dat uren en minuten hun vaste plaats houden, in de gestalte van die wijzers die in stilte hun boodschap brengen over het eeuwig weerkeren van de perioden van een dag.
Ik moest denken aan de Real Time klok, het wereldberoemde uurwerk van kunstenaar Maarten Baas in Lounge 2 op Schiphol, waarin een vage man in blauwe overall dagelijks de klokwijzers op een transparante plaat schildert. Het zou toch wat zijn als er een zou worden geplaatst in de Domtoren. Waarschijnlijk is dat niet. Baas is ook de ontwerper van de nieuwe entree van de Neude-bieb. Al dat neon werd door strenge binnenstadsbewakers als te kermisachtig beoordeeld.
Utrecht gaat voort met de vaste tijdsaanwijzing op de geliefde toren. Het zal nog wel eeuwen duren, voordat er een digitale klok gaat draaien.