Peter Oostveen - De man van smarten, Christus, lijkt vanuit de icoon met zijn innemende gelaatsuitdrukking alle blikken in de ruimte voor zich op te eisen. De talrijke kaarsen op de standaard die voor de icoon is geplaatst leggen een zachte gloed over zijn mildheid uitstralende gezicht. Tijdens deze Goddelijke Liturgie is alle liefde en aandacht op hem gevestigd, Jezus, de trooster van alle vermoeiden en terneergeslagene, redder van de wereld.

Ondanks mijn dikke trui en das voel ik onder de keldergewelven een straffe waterkoude hangen die mijn nek en schouders doen verkrampen. Het aanzwellen echter van het cherubijnengezang van de voelbaar aanwezige engelen, heiligen en overledenen voelt als een weldaad voor mijn enigszins verkleumde lichaam. De warmte en gloed van de talrijk ontstoken kaarsen doen de rest.

De Slavische gezangen spreiden zich als een laken uit naar de iconostase waar Pater Micheas de Heilige Liturgie leidt. Pater Micheas, een man met een statig, Byzantijns, voorkomen. Zijn bonte mantel, zwarte monnikssluier, imposante grijze baard en doorwaakte gelaatsuitdrukking maken de man tot een mysterieus en ongenaakbaar personage. Afkomstig uit een sacrale dimensie die voor ons, gewone stervelingen, onbereikbaar lijkt.

Pater Micheas bij de heilige communie.

Vanuit de Voorhof, de poort tussen de twee Koninklijke Deuren, zingt Pater Micheas met gebarsten vocalen zijn psalmodie. Iconen, kaarslicht, gezangen, Micheas lijkt in een diepe trance als hij met weidse armgebaren zijn mystieke rituelen uitvoert.

De iconostase in de raadskelder.

Op deze zondagmorgen staat de tijd stil. De deelnemers aan deze Liturgie smelten samen met Die Ene, dat grote mysterie dat in het dagelijks leven zo ver weg, onbereikbaar, lijkt.

Pater Micheas nodigt de bezoekers uit ter communie. In mijn slaap vervagen de herinneringen (van meer dan 45 jaar geleden) hieraan vanaf dit punt in een zoete, verdovende, droom. Ik zie hoe de priester met plechtige armgebaren onder de keldergewelven een ondoordringbaar gordijn van wierook aanlegt.

Ik zie bezoekers in vuur en vlam op de knieën gaan, in eerbiedige aanbidding voor het Heilige Evangelie. Ik sta pal voor Pater Micheas, met zijn voor een jeugdige van op dat moment 10 jaar oud ontzagwekkende gestalte. In zijn verweerde handen een zilveren kruis. Ik kus de doorboorde voeten van de gekruisigde. Wordt onbewust één met het mysterie van de zoon, trooster. In mijn mond proef ik een zoete smaak tot onder mijn schedel opstijgen: de in wijn gedrenkte prosfora voel ik onder mijn tong wegsmelten.

Onder de hypnotiserende werking van de wierook, de Byzantijnse gezangen en de bezwerende riten van de priester nemen de iconen aan impact toe. Er is hier geen triestheid, geen weg te smal, er zijn geen zorgen. Voor dit moment is er enkel rust, vrede, hoop, troost, Christus is in ons midden.

De aanwezigen nemen hun moment van stille aanbidding, meditatie. En dan, ter afsluiting, spreidt Pater Micheas zijn handen ten hemel. De zegen wordt door hem uitgesproken, deze daalt als een Goddelijke sluier op de hoofden van de aanwezigen neer.

Deelnemers samenkomst.

De bezoekers verlaten in gepaste stilte de Raadskelder. Op deze zondagmorgen heerst er in de binnenstad nog een serene rust. De wolken weerkaatsen in een rimpelloze Oudegracht.

Het Huis van God telt vele kamers, zo zegt men. Dit 'huis' heeft in de oude ziel van de stad Utrecht en onder haar gewelven zijn gelijke.

(De Rooms Katholieke Byzantijnse gemeenschap in Utrecht hield van 1957 tot en met 1976 samenkomsten in de Raadskelder, onder het Stadhuis aan de Ganzenmarkt. Thans is hier het Restaurant Humphrey’s gevestigd. De Byzantijnse gemeenschap is nog steeds actief, onder de naam Wladimirskaja. In 2017 vierde de gemeenschap haar zestigjarige jubileum. Voor meer informatie, zie www.byzantijnsekapelutrecht.nl).

Dit stuk is geschreven in het kader van de 90-jarige verjaardag van Henk Oostveen die jarenlang meezong in het koor van Wladimirskaja.