Ed Knegtel - Ik maak mij druk om polarisatie. Om populistisch gezwam en om al die giftige trollen die ons steeds verder uit elkaar drijven. Laten we er alsjeblieft voor waken dat we later niet op deze tijd terugkijken met hetzelfde ‘Hadden we maar…’ als na de jaren dertig van de vorige eeuw.

De afgelopen weken heb ik mij afgevraagd hoe we moeten handelen als ‘Frankrijk’ naar Utrecht overslaat. Iets beters dan: ‘ramen en deuren dichtspijkeren’ kan ik niet verzinnen. Ik zou niet weten waarom het fenomeen ons landje zou overslaan; ook hier is een ontevreden, uitgekotste onderklasse en een aantal diepe crises die maar niet worden opgelost.

Die moslimjongens willen toch grotendeels hetzelfde? Het Westen veroveren, een eigen pistool en een kauwbooi-hoed. Vorige week ging het mis in Overvecht. Ik twijfel nog, na het gebeurde - over ‘mis’ als kwalificatie, of status quo voor de wijk.

In de tijd dat ik met een klappertjespistool – die roken zo écht! – als Jesse James of Billy the Kid de buurt onveilig maakte, waren de bad guys in de schemer actief en hadden ze in tekenfilms gemene tronies.

Sinds Pim, Theo en niet te vergeten Derk Wiersum kijken we van vrij weinig nog op. Ook een shoot-out op de Donaudreef dreigt slechts een voetnoot in de stadsgeschiedenis te worden. De lange arm van Taghi. 

Zijn onderaannemers zijn bij het publiek bekend met de eerste letter van hun achternaam. Pas op hun grafsteen zal weer de volledige naam verschijnen, vaak ‘voor hun tijd’ – beroepsrisico. Jongeren worden actief geronseld met de belofte van snel en gemakkelijk geld. 

Laten we de explosies en kogels nooit gewoon gaan vinden. En ouderwets en hardnekkig trots blijven  op Utrechters als Anton Geesink, Dick Bruna en Marco van Basten.